“Meerderheid werknemers verdenkt collega van onterechte ziekmelding”

Column van Ger Dijkgraaf (november 2019)

Een krantenkop op een willekeurige dag. Ik denk ‘clickbait, oftewel volgens Wikipedia “het gebruik van een misleidende, sensationele titel van een artikel, video, ed”. Toch maar even lezen.   

“Het griepseizoen is aangebroken en het aantal ziekmeldingen op het werk zal ongetwijfeld snel stijgen”.  Zo. De nocebo-toon is gezet. Nocebo is, voor degene die de term niet kent, het tegenovergestelde van een placebo. Het nocebo-effect hier: in het griepseizoen is de kans groot dat je griep krijgt. Heb je ergens last van, dan is het griep en dan ‘mag’ je je ziekmelden. 

Verschillende zaken in het artikel roepen vragen op: “58 procent van de werknemers zegt te vermoeden dat collega’s weleens onterecht thuisblijven.” Is 58 procent veel of juist weinig? “Weleens” wanneer is dat? Over welke periode praten we? Een week, een jaar?  

Van dezelfde groep ondervraagden geeft twaalf procent aan weleens thuis gebleven te zijn omdat ze geen zin had om te werken. Geen “zin”, wat is dat? Ook hier weer “weleens”. Hoeveel procent zou wel gaan werken terwijl ze die dag geen zin had om te werken? Als je maar vaak genoeg gaat werken terwijl je geen zin hebt, hoe groot is dan de kans op een burn-out? Is het dan misschien een goed idee om je weleens ziek te melden omdat je geen zin hebt om te gaan werken?

En is er ergens een verband tussen de ‘beschuldigers’ en de ‘daders’? Hoeveel procent van de medewerkers die zegt te vermoeden dat een collega weleens onterecht thuisblijft, is zelf weleens onterecht thuisgebleven? Wat is het verband tussen bumperklevers en de automobilisten die klagen over linksrijders? Kan je denken wat je wilt? Ik dwaal af…..

Oh ja, “voornamelijk oudere werknemers zijn sceptisch over de ziekmeldingen van collega's”.
Dat kan liggen aan het andere tijdsbeeld waarin zij opgegroeid zijn, is de gegeven verklaring. Die generatie is over het algemeen wat calvinistischer ingesteld en meldt zich niet snel ziek. Datzelfde geluid hoorde ik dertig jaar geleden al. Dit betekent dat  de jongere van toen, nu een oudere werknemer is met een calvinistische inslag. Wordt je calvinistischer als je ouder wordt?  

Ondertussen heb ik al weer spijt mijn tijd te hebben besteed aan dit artikel. Wat voor ‘nieuws’ heb ik hiervan opgestoken? Het roept in ieder geval meer vragen op. Welke afspraken maakt de leidinggevende met de verzuimende medewerker over het onderhouden van de contacten met collega’s, zeker als het verzuim langer gaat duren? Wat is de aard van die contacten? Informerend over de situatie op het werk, belangstellend naar de gezondheid van de medewerker? Hoe gaan die contacten? Bellen, WhatsAppen? Is WhatsApp een goed communicatiemiddel in dat soort situaties? Worden er nog wel beterschapskaartjes gestuurd? Zijn contacten met collega’s belangrijker dan die met leidinggevenden? Is dat ooit onderzocht?
Dekt de kop van dit stukje de lading? Kun je ook een vraag opschrijven zonder vraagteken.

Je kan wel lezen dat ik de cursus “De kunst van het vragenstellen” heb gevolgd. Vragen stellen lukt wel, nu er nog een kunst van maken.

GD, november 2019